Pijpen stelen
Het regent als ik naar het station sjok terwijl ik van mijn broodje eet. Een halve boom op mijn schouder en twee ijzers die met liefde worden gedragen.
Hoewel mijn kapsel vandaag waterproof is, is het broodje dat duidelijk niet. Het wordt met de meter viezer.
Ik weet nu nog niet dat ik morgen mijn paraplu zal pakken en terwijl alleen mijn benen nat worden bedenk wat ik op ga schrijven:
“Het regent pijpenstelen. Ik vind dat een vreselijk (leuk) woord.
In mijn hoofd is het juist opgeklaard.
Het tromgeroffel van de druppels spoelt de twijfel weg, alles wat de waarheid aan het zicht onthoudt. Ik besluit alleen te wachten.
Grassprietjes buigen zich voor het water en ook voor mij. Ik blijf rechtop. Het is eindelijk weer herfst en dat maakt me zo ontzettend trots.”
Even denk ik nog iets van de zomer te voelen in de gedachte aan een hommel die rond mijn oren suist.
Maar voor de laatste keer.
Afritsbroeken? Ja hoor, bij de NJN wel in ieder geval ;)
Volgend jaar weer hoor, die zomer ;-)
“Ik blijf rechtop.” is mooi. En volgens mij is pijpen stelen best wel moeilijk, bestaan er nog afritsbroeken?
Ik vind de tweede zin echt heel erg leuk. :) En de zin met de grassprietjes ook. :) eigenlijk vind ik het allemaal leuk. :D